riet
Uiterlijk

- riet
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | riet | rieten |
| verkleinwoord | rietje | rietjes |
- (bloemplanten) Phragmites australis
(syn.: Phragmites communis), plantensoort uit de grassenfamilie (Poaceae
) met een stevige stengel die langs het water voorkomt
- Hij ging vissen in het riet.
- (muziekinstrument) een uit bamboe vervaardigd onderdeel van een muziekinstrument uit de rietblazers
- Hij was bezig rieten te snijden voor zijn schalmei.
- Iemand met een kluitje in het riet sturen
een antwoord krijgen waar men niets aan heeft ('een mooi praatje') [5]
1. plantensoort
- Het woord riet staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "riet" herkend door:
| 99 % | van de Nederlanders; |
| 99 % | van de Vlamingen.[6] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑ "riet" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
- ↑ riet op website: Etymologiebank.nl
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑ Stoett-1192
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
- riet
riet
- eerste persoon enkelvoud verleden tijd aantonende wijs bedrijvende vorm van raten
riet
- derde persoon enkelvoud verleden tijd aantonende wijs bedrijvende vorm van raten
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 4
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- WikiWoordenboek:Pagina's die ISBN magische koppelingen gebruiken
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Bloemplanten in het Nederlands
- Muziekinstrument in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 99 %
- Prevalentie Vlaanderen 99 %
- Woorden in het Duits
- Woorden in het Duits van lengte 4
- Werkwoordsvorm in het Duits