ooievaar

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Ooievaars

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ooi·e·vaar
Woordherkomst en -opbouw
  • In de betekenis van ‘reigerachtige’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1240 [1]
enkelvoud meervoud
naamwoord ooievaar ooievaars
ooievaren
verkleinwoord ooievaartje ooievaartjes

Zelfstandig naamwoord

ooievaar m

  1. (vogels) Ciconia ciconia op Wikispecies, een grote witte vogel met zwarte vleugelranden en rode poten
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen