liefde

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • lief·de
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord liefde liefden
liefdes
verkleinwoord liefdetje liefdetjes

Zelfstandig naamwoord

liefde v

  1. uiting of gevoel van grote genegenheid en/of het zich aangetrokken voelen
    Mijn liefde voor hem.
    Een liefde voor Frankrijk.
  2. uiting of gevoel van grote rechtstreekse betrokkenheid
    Liefde voor het bouwen.
Synoniemen
Antoniemen
Synoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Uitdrukkingen en gezegden
  • ongeluk in het spel, geluk in de liefde
wie pech heeft in iets onbelangrijks kan geluk hebben bij iets belangrijkers
  • Liefde is blind.
door verliefdheid de gebreken van een ander niet zien
  • De liefde kan niet van één kant komen.
als je samen iets doet zal ieder moeten bijdragen
  • Iets met de mantel der liefde bedekken
iets niet met anderen bespreken maar stilzwijgen en accepteren
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen

  1. etymologiebank.nl