sociologie

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Jump to search

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • so·cio·lo·gie
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord sociologie -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

sociologie v

  1. (wetenschap) de wetenschap die zich bezighoudt met de studie van de menselijke samenleving
    • Hij heeft zijn studie sociologie vorige maand afgemaakt. 
Verwante begrippen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie