-heid

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Huidig
bestand
408
Uitspraak
  • IPA: /-ɦɛɪt/
Woordafbreking
  • -heid
Woordherkomst en -opbouw
  • Van het proto-Germaans *khaidus « eer, waardigheid van ». Het woord is allengs tot achtervoegsel geworden en heeft daarbij zijn oorspronkelijke betekenis verloren. [1]

Achtervoegsel

-heid v

  1. een achtervoegsel van hoedanigheid dat van een bijvoeglijk naamwoord een vrouwelijk zelfstandig naamwoord maakt
Verwante begrippen
Hyponiemen
Vertalingen
Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl