zaak

Uit WikiWoordenboek

Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak

Lettergrepen
  • zaak
enkelvoud meervoud
naamwoord zaak zaken
verkleinwoord zaakje zaakjes

Zelfstandig naamwoord

zaak m/v

  1. een term waarmee een ding of een voorstelling van de geest aangeduid wordt die geen persoon is.
    Dit is een vervelende zaak.
  2. iet dat men te behartigen heeft.
    Wij behartigen uw zaak altijd.
  3. een transactie of handel.
    Hij doet al jaren zaken met hem.
  4. een onderneming of bedrijf.
    Wij bezitten een zaakje in het dorp.
  5. een rechtszaak.
    Deze zaak is vanaf nu gesloten.
Aspecten/acties
Persoonlijke instellingen