kruid

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kruid
enkelvoud meervoud
naamwoord kruid kruiden
verkleinwoord kruidje kruidjes

Zelfstandig naamwoord

kruid o [1]

  1. (voeding) aromatische plant
Verwante begrippen
Antoniemen
Gelijkklinkende woorden
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
  • Zie ook de voor een lijst van kruiden.
Spreekwoorden
  • Er is geen kruid tegen (op) gewassen.
Er is niks aan te doen.
Vertalingen

Werkwoord

vervoeging van
kruiden

kruid

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van kruiden
    • Ik kruid. 
  2. gebiedende wijs van kruiden
    • Kruid! 
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van kruiden
    • Kruid je? 

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen