golfbreker

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Een havenhoofd als golfbreker

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • golf·bre·ker
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord golfbreker golfbrekers
verkleinwoord golfbrekertje golfbrekertjes

Zelfstandig naamwoord

golfbreker m

  1. (waterstaat) een langs kust of oever gebouwde constructie om de kracht van golven en stroom te weerstaan of te absorberen om daarmee de wal tegen afkalving te beschermen en/of rustig water als anker/aanlegplaats te verkrijgen
    • Een golfbreker kan massief zijn, van zand en steen, maar kan ook bestaan uit een enkele of dubbele rij houten palen. 
Hyperoniemen
Hyponiemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie