experiment

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ex·pe·ri·ment
enkelvoud meervoud
naamwoord experiment experimenten
verkleinwoord experimentje experimentjes

Zelfstandig naamwoord

experiment o

  1. proef, uitprobeersel
    Hij wist niet precies hoe de computer werkte dus deed hij maar wat experimentjes waarvan de ene succesvoller was dan de andere.
  2. wetenschappelijke proefneming
    Bij een wetenschappelijke waarneming kijkt men hoe de natuur zich van nature gedraagt zonder inmenging van de mens bij een experiment doet men een wetenschappelijke waarneming aan een door de mens gecontroleerde en beïnvloede gebeurtenis.
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie