drank

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

[2] drankje voor het slapen gaan = slaapmutsje
Uitspraak
Woordafbreking
  • drank
Woordherkomst en -opbouw
  • In de betekenis van ‘drinkbaar vocht’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 901 [1]
  • In de betekenis van ‘sterkedrank’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1580 [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord drank dranken
verkleinwoord drankje drankjes

Zelfstandig naamwoord

drank m

  1. (drinken) te drinken vloeistof om de dorst te lessen
    • Door het drinken van een warme drank, zoals thee, een uur of twee voordat je gaat slapen, verhoog je de temperatuur van de kern van je lichaam op dat moment.[3] 
  2. (drinken), (pregnant) als [1], maar dan specifiek met alcohol
    • Je mag niet met drank op een auto besturen. 
  3. drinkbaar geneesmiddel
Antoniemen
Verwante begrippen
  • [1] alcoholische drank, sterke drank
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen


Nedersaksisch

Zelfstandig naamwoord

drank

  1. (drinken) drank


Veluws

Zelfstandig naamwoord

drank

  1. (drinken) drank