drankzucht

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • drank·zucht
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord drankzucht -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

drankzucht v/m

  1. (medisch) een ziekelijk verlangen naar alcoholische dranken
    Zijn drankzucht heeft hem te gronde gericht.
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Meer informatie