tap
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- tap
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | tap | tappen |
| verkleinwoord | tapje | tapjes |
| [7] | enkelvoud | meervoud |
|---|---|---|
| naamwoord | tap | taps |
| verkleinwoord | tapje | tapjes |
Zelfstandig naamwoord
tap m
- een uitsteeksel, stomp
- Op de plaats waar de tak is afgezaagd is nog altijd een tap zichtbaar.
- (techniek) het (conische) uiteinde van een as
- De tappen worden uit de lagers gelicht.
- (techniek) het uiteinde van een staaf of draadeind
- De tap van de schroefbout is te lang.
- (muziekinstrument) het dunner gemaakte uiteinde van de buis van een blaasinstrument
- De tappen van deze blokfluit mogen wel eens worden ingevet.
- (techniek), (metaalbewerking) een hardstalen staafje met schroefdraad waarmee binnendraad wordt getapt
- Een setje van drie tappen.
- (techniek) een houten pen ter borging van een pen-en-gatverbinding
- De tappen in de houtverbindingen zitten nog altijd stevig vast.
- (techniek) de afsluiting en aftapkraan van een vat
- Een tap plaatsen noemt men “aanslaan”.
- (techniek) een aftak- of aansluitpunt op een kabel of leiding voor water-, gas- elektriciteit, etc.
- De tap op de telefoonkabel is pas later ontdekt.
Synoniemen
- [5] draadtap, schroefdraadtap
- [6] borgpen, toognagel, wig
- [7] aftapkraan, aftappunt
- [8] afluisterpunt, aftakpunt
Antoniemen
Hyperoniemen
- [2] aslagering
- [5] draadsnijgereedschap
- [6] houtverbinding, pen-en-gatverbinding
Afgeleide begrippen
- [4] tapgaren, tapkurk, tappenvet
- [5] tapgat
- [6] tapgat
- [7] biertap, tapgat, tapkast, tapkraan, taptoe, tapverbod, tapvergunning
- [7,8] aftappen
Verwante begrippen
- [1] stomp, stronk
- [2] taats
- [3] aankoppelpunt, lager, vatting
- [5] binnendraad, schroefdraad
- [6] borging
- [7] gasbuis, kabel, waterleiding
- [8] aansluitplug, aftakkabel
Vertalingen
3. uiteinde van staaf
4. het dunner gemaakte uiteinde van de buis van een blaasinstrument
5. schroefdraadsnijgereedschap
6. borgpen
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
Werkwoord
| vervoeging van |
|---|
| tappen |
tap
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van tappen
- Ik tap.
- gebiedende wijs van tappen
- Tap!
- (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van tappen
- Tap je?
Engels
Uitspraak
| enkelvoud | meervoud |
|---|---|
| tap | taps |
Zelfstandig naamwoord
tap
- tik, het licht ergens tegenaan slaan, of het geluid daarvan
- (techniek) kraan, tapkraan, tap, voor vloeistof, gas etc.
- tapperij, een gelegenheid waar drank uit het vat wordt geschonken
- (techniek) draadtap, om schroefdraad te tappen
- (techniek) tap, hals aan staaf/buis om die in een volgende te schuiven
- (techniek) tap, aftakking van transformator, kabel of buisleiding
Afgeleide begrippen
- [1] tap dance
Verwante begrippen
Noors
Uitspraak
Woordafbreking
- tap
| Naar frequentie | 2636 |
|---|
| enkelvoud | meervoud | |||
|---|---|---|---|---|
| onbepaald | bepaald | onbepaald | bepaald | |
| nominatief | tap | tapet | tap | tapa tapene |
| genitief | taps | tapets | taps | tapas tapenes |
Zelfstandig naamwoord
tap o
- verlies
- «Påsken forløp uten tap av menneskeliv.»
- Pasen verliep zonder verlies van mensenleven.
- «Påsken forløp uten tap av menneskeliv.»
- (economie) verlies (bijv. een koersverlies)
- «Spekulasjonen endte med tap.»
- De speculatie eindigde met verlies.
- «Spekulasjonen endte med tap.»
- (sport) nederlaag
Synoniemen
- [2]: underskott
- [2]: underskudd
Antoniemen
Afgeleide begrippen
- [1]: blodtap
- [1]: hukommelsestap
Typische woordcombinaties
- [1-2]: lide tap
een verlies lijden
- [2]: selge med tap
met verlies verkopen
- [3]: et bittert tap
een bittere nederlag
Zelfstandig naamwoord
tap, mv
- onbepaalde vorm nominatief meervoud van tap
Nynorsk
Uitspraak
Woordafbreking
- tap
| enkelvoud | meervoud | |||
|---|---|---|---|---|
| onbepaald | bepaald | onbepaald | bepaald | |
| nominatief | tap | tapet | tap | tapa |
Zelfstandig naamwoord
tap o
- verlies
- (economie) verlies (bijv. een koersverlies)
- «Spekulasjonen endte med tap.»
- De speculatie eindigde met verlies.
- «Spekulasjonen endte med tap.»
- (sport) nederlaag
- «Det vart tap i siste fotballkampen.»
- Er was een verlies in de laatste voetbalwedstrijd.
- «Det vart tap i siste fotballkampen.»
Synoniemen
- [2]: underskot
- [2]: underskott
Antoniemen
Afgeleide begrippen
Typische woordcombinaties
- [1-2]: lide tap
een verlies lijden
- [3]: eit bittert tap
een bittere nederlag
Zelfstandig naamwoord
tap, mv
- onbepaalde vorm nominatief meervoud van tap
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Techniek in het Nederlands
- Muziekinstrument in het Nederlands
- Metaalbewerking in het Nederlands
- Werkwoordsvorm in het Nederlands
- Woorden in het Engels
- Zelfstandig naamwoord in het Engels
- Techniek in het Engels
- Woorden in het Noors
- Zelfstandig naamwoord in het Noors
- Economie in het Noors
- Sport in het Noors
- Zelfstandig-naamwoordsvorm in het Noors
- Woorden in het Nynorsk
- Zelfstandig naamwoord in het Nynorsk
- Zelfstandig-naamwoordsvorm in het Nynorsk