slof

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken
Sloffen.

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • slof
enkelvoud meervoud
naamwoord slof sloffen
verkleinwoord slofje slofjes

Zelfstandig naamwoord

slof m

  1. een comfortabel soort schoeisel bedoeld om in huis te gedragen te worden
    Hij liep nog op zijn sloffen.
  2. samen verpakte kleinere pakjes
    Geef mij die hele slof sigaretten maar.
Synoniemen
Vertalingen

Werkwoord

vervoeging van
sloffen

slof

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van sloffen
    Ik slof.
  2. gebiedende wijs van sloffen
    Slof!
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van sloffen
    Slof je?

Meer informatie

Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen