muziekinstrument

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken
een muziekinstrument

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • mu·ziek·in·stru·ment
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord muziekinstrument muziekinstrumenten
verkleinwoord muziekinstrumentje muziekinstrumentjes

Zelfstandig naamwoord

muziekinstrument o

  1. (muziek) instrument om muziek mee te spelen
    Jan koos voor een gitaar toen hij een muziekinstrument mocht kiezen.
Hyponiemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Meer informatie