steen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • steen
enkelvoud meervoud
naamwoord steen stenen
verkleinwoord steentje steentjes

Zelfstandig naamwoord

steen

  1. m een harde stof, vaak op kiezel gebaseerd maar omvattende vele soorten
    Huizen worden vaak van steen gemaakt, omdat het zo goed bestand is tegen weersinvloeden.
  2. m een klein fragment van deze stof
    Er ligt een kleine steen op het garagepad.
  3. o vogelziekte veroorzaakt door het organisme Trichomonas gallinae
Synoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Anagrammen
Vertalingen

Meer informatie


Middelnederlands

enkelvoud meervoud
nominatief steen stene
genitief steens
stenes
stene
datief stene stenen
accusatief steen stene

Zelfstandig naamwoord

steen m

  1. steen (harde stof)