steenwol

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • steen·wol
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord steenwol -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

steenwol v/m

  1. isolatiemateriaal gemaakt uit diabaas of basalt
    De steenwol was niet goed aangebracht, zodat er een warmtelek was ontstaan.

Meer informatie