port
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- port
| [1] | enkelvoud | meervoud |
|---|---|---|
| naamwoord | port | porten |
| verkleinwoord |
| [2] | enkelvoud | meervoud |
|---|---|---|
| naamwoord | port | |
| verkleinwoord | portje | portjes |
Zelfstandig naamwoord
port
- m: en o: vrachtloon
- Hij had het port niet betaald.
- m: (drinken) een zoetige wijn, oorsponkelijk uit de streek rond Porto
- Lust je en portje?
Werkwoord
| vervoeging van |
|---|
| porren |
port
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van porren
- Jij port.
- derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van porren
- Hij port.
- verouderde gebiedende wijs meervoud van porren
- Port!
Engels
Zelfstandig naamwoord
port
- (waterstaat), (scheepvaart) haven
- (scheepvaart) bakboord kort voor "port side", de linkerzijde als men van op een schip naar de boeg kijkt
Synoniemen
Frans
Zelfstandig naamwoord
port m
- (waterstaat), (scheepvaart) haven
Noors
Uitspraak
Woordafbreking
- port
Woordherkomst en -opbouw
| Naar frequentie | 6071 |
|---|
| enkelvoud | meervoud | |||
|---|---|---|---|---|
| onbepaald | bepaald | onbepaald | bepaald | |
| nominatief | port | porten | porter | portene |
| genitief | ports | portens | porters | portenes |
Zelfstandig naamwoord
port m
- deur, ingang, opening, passage, poort
- inrit
- doorgang
- (scheepvaart) luik
- (religie) poort des hemels, de poort naar de hemel
- (religie) poort der hel, de poort naar de hel
- (sport) twee bars in de slalom voor de afbakening van de route
Synoniemen
- [1]: byport
- [1]: inngang
- [1]: passasje
- [1]: åpning
- [2]: innkjørsel
- [3]: portrom
- [7]: slalåmport
Uitdrukkingen en gezegden
- [1]: hive, jage, kaste, sette noen på porten (kaste ut, gi avskjed)
iemand de deur uitzetten
Nynorsk
Uitspraak
Woordafbreking
- port
Woordherkomst en -opbouw
| enkelvoud | meervoud | |||
|---|---|---|---|---|
| onbepaald | bepaald | onbepaald | bepaald | |
| nominatief | port | porten | portar | portane |
Zelfstandig naamwoord
port m
- deur, ingang, opening, passage, poort
- inrit
- doorgang
- (scheepvaart) luik
- (sport) twee bars in de slalom voor de afbakening van de route
Synoniemen
- [2]: innkjørsel
- [3]: portrom
Afgeleide begrippen
- [1]: byport
- [1]: sluseport
- [1]: mageport
- [5]: slalåmport
Uitdrukkingen en gezegden
- [1]: setje på porten (kaste ut, gje avskil)
iemand de deur uitzetten
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Drinken in het Nederlands
- Werkwoordsvorm in het Nederlands
- Woorden in het Engels
- Zelfstandig naamwoord in het Engels
- Waterstaat in het Engels
- Scheepvaart in het Engels
- Woorden in het Frans
- Zelfstandig naamwoord in het Frans
- Waterstaat in het Frans
- Scheepvaart in het Frans
- Woorden in het Noors
- Zelfstandig naamwoord in het Noors
- Scheepvaart in het Noors
- Religie in het Noors
- Sport in het Noors
- Woorden in het Nynorsk
- Zelfstandig naamwoord in het Nynorsk
- Scheepvaart in het Nynorsk
- Sport in het Nynorsk