haven

Uit WikiWoordenboek

Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ha·ven
enkelvoud meervoud
naamwoord haven havens
verkleinwoord haventje haventjes

Zelfstandig naamwoord

haven v

  1. natuurlijke of aangelegde aanlegplaats voor schepen
    .
Afgeleide begrippen
Uitdrukkingen en gezegden
  • veilige haven
  • veilige plaats waar men neerstrijkt na verblijf in een onveilige situatie
Vertalingen

Meer informatie



Zweeds

Zelfstandig naamwoord

haven o mv

  1. bepaalde vorm meervoud van hav
Persoonlijke instellingen