rota

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ro·ta

Zelfstandig naamwoord

rota

  1. verouderde spelling of vorm van Rota tot 2006
     Hierbij tekende eiser bij de geheime raad verzet aan tegen het ontslag van placet aan Françine toegekend, nadat zij zonder placet bij de rota te Rome met succes had geprocedeerd om Jan Baers tot haar echtgenoot te laten ‘veroordelen’.[1]
Opmerkingen
  • De eigennaam "Rota" werd tussen 1955 en 2006 ook wel opgevat als een soortnaam.

Gangbaarheid

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 22 november 2020 Weblink bron H. de Schepper De grote raad van Mechelen, hoogste rechtscollege in de Nederlanden? in: Bijdragen en Mededelingen betreffende de Geschiedenis der Nederlanden., jrg. 93 nr. 3 (1978), Martinus Nijhoff, Den Haag, p. 395


Latijn

Uitspraak
  • IPA: /ˈrɔ.ta/

Zelfstandig naamwoord

rŏta v

  1. wiel, rad
  2. wagen
  3. kringloop
Verbuiging
Afgeleide begrippen
Overerving en ontlening


Spaans

Bijvoeglijk naamwoord

rota

  1. vrouwelijk enkelvoud van roto