Naar inhoud springen

principe

Uit WikiWoordenboek
  • prin·ci·pe
  • Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘beginsel’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1830 [1]
enkelvoud meervoud
naamwoord principe principes
verkleinwoord principetje principetjes

hetprincipeo

  1. een grondoorzaak, werkend beginsel
    • Dat is het principe. 
  2. een grondbeginsel, grondstelling
    • In principe zou dat moeten kunnen... 
     Fawaz denkt met weemoed terug aan de zender. "Vroeger zat ik hele dagen voor de tv naar TMF te kijken om dezelfde clip nog een keer te zien. Maar het principe dat er bij een liedje een clip hoort, dat blijft."[2]
  3. een stelregel
    • Uit principe doe ik dat niet. 
  4. in principe: alleen rekening houdend met een bepaald beginsel
     Omlooptijd, diameter, massa - dat is in principe allemaal te meten.[3]
     Sommige deskundigen menen dat de daarvoor noodzakelijke technieken in principe in elk microbiologisch laboratorium aanwezig zijn, maar het vereist toch wel een zekere kennis en technische vaardigheden om effectieve biologische wapens te kunnen produceren.[4]
98 %van de Nederlanders;
99 %van de Vlamingen.[5]
  • prin·ci·pe
enkelvoud meervoud
principe principi

principe m

  1. (adel) prins
enkelvoud meervoud
mannelijk principe principi
vrouwelijk principe principi

principe m

  1. voornaamste, hoofd-, eerste
  • IPA: /prɪntsɪpɛ/

principe

  1. vocatief enkelvoud van princip