beginsel

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·gin·sel
Woordherkomst en -opbouw

Naamwoord van handeling van beginnen met het achtervoegsel -sel

enkelvoud meervoud
naamwoord beginsel beginselen,
beginsels
verkleinwoord beginseltje beginseltjes

Zelfstandig naamwoord

beginsel o

  1. regel waar je je in ieder geval aan wilt houden
    • Artikel 10: Beginsel van loyale samenwerking (Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap (VEG)). 
  2. eenvoudig grondbegrip van een wetenschap
    • In de wetenschap is een belangrijk beginsel dat je geen bovennatuurlijke krachten als verklaring van een verschijnsel mag aanvoeren. 
  3. overtuiging, principe of stelling, met name op godsdienstig, moreel of politiek gebied
    • "Doe een ander niet wat u niet wilt dat u geschiedt" is een belangrijk moreel beginsel. 
Synoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.