konijn

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ko·nijn
Woordherkomst en -opbouw
  • Ontleend aan het Oudfranse conin (van het Latijnse cuniculus, een Iberisch leenwoord), dat in het moderne Frans vervangen is door lapin.
enkelvoud meervoud
naamwoord konijn konijnen
verkleinwoord konijntje konijntjes

Zelfstandig naamwoord

konijn o

  1. (zoogdieren) Oryctolagus cuniculus Wikispecies-logo-en.png, zoogdier dat ook gedomesticeerd kan worden gehouden
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Spreekwoorden
  • met de konijnen door de tralies kunnen eten
mager zijn
  • bij de konijnen af
meer dan erg

Bronnen

  1. 1,0 1,1 Dit is niet de correcte uitspraak volgens het Uitspraakwoordenboek van Josée Heemskerk en Wim Zonneveld (Het Spectrum, 2000, ISBN 90 274 4482X). Het Uitspraakwoordenboek geeft [koˈnɛi̯n] op als de juiste uitspraak. Verder maakt het voor dit woord geen vermelding van een afwijkende uitspraakvariant voor de standaardtaalsprekers in België.
Vertalingen


Meer informatie