her-

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Huidig
bestand
133
Uitspraak
Woordafbreking
  • her-
Woordherkomst en -opbouw

Voorvoegsel

her-

  1. her + werkwoord vormt een onscheidbaar werkwoord met een betekenis als "opnieuw"
  2. her + zelfstandig naamwoord vormt een onscheidbaar werkwoord dat een herhaling aangeeft, vaak met de bijbetekenis: gericht op een beter resultaat
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

Verwijzingen