hemd

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • hemd
Woordherkomst en -opbouw
  • In de betekenis van ‘onderkledingstuk’ voor het eerst aangetroffen in 1240 [1]
  • [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord hemd hemden
verkleinwoord hemdje hemdjes

Zelfstandig naamwoord

hemd o

  1. (kleding) kledingstuk voor het bovenlijf
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen