geografie

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Jump to search

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • geo·gra·fie
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Frans of Latijn, in de betekenis van ‘aardrijkskunde’ voor het eerst aangetroffen in 1592 [1]
  • met het voorvoegsel geo- en met het achtervoegsel -grafie [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord geografie geografieën
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

geografie v

  1. (wetenschap) de wetenschap die de aarde beschrijft
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Hyponiemen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen


Afrikaans

Zelfstandig naamwoord

geografie

  1. (wetenschap) aardrijkskunde, geografie


Tsjechisch

Uitspraak
  • IPA: /gɛjɔgrafɪjɛ/

Zelfstandig naamwoord

geografie v

  1. (wetenschap) aardrijkskunde, geografie
Verbuiging
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen

Verwijzingen

Meer informatie