aardrijk

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • aard·rijk
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord aardrijk aardrijken
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

aardrijk o

  1. de aarde met alles wat zij bevat
  2. het mensdom
Verwante begrippen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

82 % van de Nederlanders;
74 % van de Vlamingen.