erve

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • er·ve
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord erve erven
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

erve m / v (meestal gebruikt in meervoudsvorm)

  1. (verouderd) iemand die iets ontvangt dat een overleden persoon nalaat
enkelvoud meervoud
naamwoord erve erven
verkleinwoord - -

Niet in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Taalunie als onzijdig zelfstandig naamwoord.

Zelfstandig naamwoord

erve o

  1. (verouderd) boerderij met de grond eromheen (meestal als deel van een boerderijnaam)
enkelvoud meervoud
naamwoord erve -
verkleinwoord - -

Niet in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Taalunie als plantennaam.

Zelfstandig naamwoord

erve v / m

  1. (plantkunde) naam voor de linzenwikke Vicia op Wikispecies

Niet in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Taalunie als werkwoord

Werkwoord

vervoeging van
erven

erve

  1. aanvoegende wijs van erven
enkelvoud meervoud
naamwoord erve erven
verkleinwoord - -
Synoniemen
Hyperoniemen
Anagrammen

Gangbaarheid

Middelnederlands

Woordherkomst en -opbouw
  • afgeleid van het werkwoord erven met het achtervoegsel -e
enkelvoud meervoud
nominatief erve erven
genitief erven erven
datief erve erven
accusatief erve erven

Zelfstandig naamwoord

erve

  1. m erfgenaam
  2. o erf, erfdeel
Synoniemen