erfgename

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • erf·ge·na·me
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord erfgename erfgenamen
erfgenames
verkleinwoord erfgenametje erfgenametjes

Zelfstandig naamwoord

erfgename v

  1. een vrouwelijk persoon die recht heeft op de nalatenschap van een overleden persoon
    • De erfgename was een weduwe. 

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.


Middelnederlands

enkelvoud meervoud
nominatief erfgename erfgenamen
genitief erfgenamen erfgenamen
datief erfgename erfgenamen
accusatief erfgename erfgenamen

Zelfstandig naamwoord

erfgename m

  1. erfgenaam
Synoniemen