brutaal

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • bru·taal
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen brutaal brutaler brutaalst
verbogen brutale brutalere brutaalste
partitief brutaals brutalers -

Bijvoeglijk naamwoord

brutaal

  1. geen respect hebbend voor iets of iemand
    • Wat ben jij toch een arrogante en brutale jongen! 
  2. vrij in het uiten van zijn gemoed
    • Er was geen vrijheid van meningsuiting in dat arme land, maar de brutale man vertelde al zijn kritiek aan de rijke koning. 
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Spreekwoorden
  • Een brutaal mens heeft de halve wereld
Als je wat durft krijg je meer.
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Verwijzingen

  1. etymologiebank.nl