compleet

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • com·pleet
Woordherkomst en -opbouw
  • afgeleid via het Franse complet ontleend aan het Latijnse complētus (‘volkomen, volledig’) en dat weer van plēre (vullen) met het voorvoegsel com- [1]
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen compleet completer compleetst
verbogen complete completere compleetste
partitief compleets completers -

Bijvoeglijk naamwoord

compleet [2]

  1. volledig, voltallig
    • U kunt nu het complete album in de winkel kopen. 
    • De meeste woorden staan niet op Wikipedia. Daarvoor ben je aangewezen op bijvoorbeeld het Wikiwoordenboek, maar die is verre van compleet en geeft vaak maar summiere informatie. [3] 
Synoniemen
Antoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen