alle

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • al·le
Woordherkomst en -opbouw

Onbepaald hoofdtelwoord

alle (indien samengegaan met een telbaar zelfstandig naamwoord)

  1. elke, geen uitgezonderd
    Alle bewoners van ons flatgebouw hebben daar bezwaar tegen gemaakt.

Onbepaald voornaamwoord

alle (indien samengegaan zonder een telbaar zelfstandig naamwoord)

  1. elke, geen uitgezonderd
    Alle vloerbedekking werd verwijderd.
Vertalingen


Noors

Uitspraak
Woordafbreking
  • al·le
Naar frequentie 63

Bijvoeglijk naamwoord

alle, m / v / o

  1. bepaalde vorm enkelvoud van de stellende trap van all

alle, mv

  1. onbepaalde en bepaalde vorm meervoud van de stellende trap van all
Uitdrukkingen en gezegden
  • alle sammen
met z'n allen


Nynorsk

Uitspraak
Woordafbreking
  • al·le

Bijvoeglijk naamwoord

alle, m /v / o

  1. bepaalde vorm enkelvoud van de stellende trap van all

alle, mv

  1. onbepaalde en bepaalde vorm meervoud van de stellende trap van all