allemaal

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Jump to search

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • al·le·maal
Woordherkomst en -opbouw
  • In de betekenis van ‘onbepaald voornaamwoord’ voor het eerst aangetroffen in 1287 [1]
  • samenstelling van  al   en  maal   met het invoegsel -e- [2]

Onbepaald voornaamwoord

allemaal

  1. als bepaling van gesteldheid: in zijn geheel, zonder uitzondering
    • Is dat allemaal voor mij? 
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Verwijzingen