groep
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
- Geluid: groep
- IPA:
- (Nederland) /ɣrup/
- (Vlaanderen) /ʝrup/
Lettergrepen
- groep
Zelfstandig naamwoord
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | groep | groepen |
| verkleinwoord | groepje | groepjes |
de groep v
- uit meerdere personen of eenheden bestaand geheel
- Een groep Japanse toeristen stond volop foto's te nemen.
Afgeleide begrippen
Vertalingen
1. uit meerdere personen of eenheden bestaand geheel
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.

