elektrotechniek
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Woordafbreking
- elek·tro·tech·niek
Woordherkomst en -opbouw
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | elektrotechniek | |
| verkleinwoord |
Zelfstandig naamwoord
elektrotechniek v
- (techniek) (wetenschap) de studie en praktische toepassing van alles wat met elektriciteit en elektromagnetisme te maken heeft en waarvan (elektronica) maar een heel klein onderdeel vormt
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
- communicatiesystemen, communicatietechniek, communicatietechnologie, differentiaalvergelijking, digitale filtertechniek, elektriciteit, elektrisch netwerk, elektromagnetisch veld, elektromagnetisch veldtheorie, elektromagnetische golfgeleider, elektronica, elektronische instrumentatie, elektrotechnische energietechniek, elektrotechnische meettechniek, functietheorie, informatietheorie, informatietransmissie, informatietransmissiemethoden, informatietransmissiewegen, inschakelverschijnsel, magnetisme, microgolfcomponent, microgolftransmissie, modulatietheorie, natuurkunde, netwerktheorie, operationele analyse, potentiaaltheorie, pulstechniek, regeltechniek, schakeltechniek, speltheorie, statistiek, steekproeftheorie, stochastische proces, systeemtechniek, telecommunicatie, theoretische elektrotechniek, toegepaste statistiek, vectoranalyse, waarschijnlijkheid, wiskunde, wisselstroomtheorie
Vertalingen
1. de studie en praktische toepassing van alles wat met elektriciteit en elektromagnetisme te maken heeft