Naar inhoud springen

zintuig

Uit WikiWoordenboek
  • zin·tuig
  • In de betekenis van ‘orgaan dat prikkels van buiten waarneemt’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1678 [1]
  • samenstelling van  zin  en  tuig  [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord zintuig zintuigen
verkleinwoord zintuigje zintuigjes

hetzintuigo

  1. een orgaan dat prikkels uit de buitenwereld in elektrische signalen voor de hersenen omzet
     De eenvoudige vraag, wat een zintuig eigenlijk is, bleek een stuk lastiger te beantwoorden dan gedacht.[3]
     De werking van een zintuig berust ten principale op de mogelijkheid van zijn receptorcel om een stimulus om te zetten in een andere vorm van chemische of fysische energie, de respons.[3]
    • De neus is het zintuig waarmee men ruikt. 
100 %van de Nederlanders;
99 %van de Vlamingen.[4]