zeeschuim

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken
Andere schrijfwijzen Niet te verwarren met: meerschuim
[1] Zeeschuim.
[2] De inwendige schelp van een inktvis.

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • zee·schuim
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord zeeschuim -
verkleinwoord - -

Niet in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Taalunie.

Zelfstandig naamwoord

zeeschuim o

  1. de luchtige massa die bij heftige beweging van zeewatergolven ontstaat
    • Op het strand ligt na een storm vaak een flinke hoeveelheid zeeschuim. 
  2. (weekdieren), (overdrachtelijk) de inwendige schelp van een zeekat (een tienarmige inktvis), die ondermeer op het Noordzeestrand wordt aangetroffen en die enige gelijkenis vertoond met een vlok #1
    • Een stuk zeeschuim wordt soms gebruikt als bron van kalk in vogelkooien. 
  3. (plantkunde) Teloxys aristata, een plantje uit de amarantenfamilie dat wel gebruikt wordt als miniatuurboompje bij modelspoorbanen
Hyperoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen


Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders
97 % van de Vlamingen.

Meer informatie