schulp

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • schulp
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord schulp schulpen
verkleinwoord schulpje schulpjes

Zelfstandig naamwoord

schulp v

  1. schelp
    de slak trok zich in zijn schulp terug.
Afgeleide begrippen
Uitdrukkingen en gezegden
  1. in je schulp kruipen : verlegen worden
  2. iemand uit zijn schulp lokken : zorgen dat iemand minder verlegen (of voorzichtig) wordt
  3. uit je schulp kruipen : jezelf openen opstellen, minder verlegen zijn

Werkwoord

vervoeging van
schulpen

schulp

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van schulpen
    Ik schulp.
  2. gebiedende wijs van schulpen
    Schulp!
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van schulpen
    Schulp je?
Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl