wijzer

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • wij·zer
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord wijzer wijzers
verkleinwoord wijzertje wijzertjes

Zelfstandig naamwoord

wijzer m [2]

  1. (techniek) iets dat naar iets anders wijst
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Bijvoeglijk naamwoord

wijzer

  1. onverbogen vorm van de vergrotende trap van wijs

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.[3]

Meer informatie

Verwijzingen