verleiden

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·lei·den
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
verleiden
verleidde
verleid
zwak -d volledig

Werkwoord

verleiden

  1. overgankelijk tot kwaad brengen
    • Adam werd door Eva verleid in de appel te bijten. 
  2. iemand overhalen om iets te doen of te laten
  3. iemand overhalen om een (seksuele) relatie aan te gaan
    • De knappe jongen probeerde het rijke meisje te verleiden. 
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Werkwoord

vervoeging van
verleien

verleiden

  1. meervoud verleden tijd van verleien
    • Wij verleiden. 
    • Jullie verleiden. 
    • Zij verleiden. 

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Verwijzingen

  1. etymologiebank.nl