verleid

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·leid
Woordherkomst en -opbouw
  • [1-3] verleiden zonder de uitgang -en
  • vervoeging van verleiden: de stam zonder -d omdat de stam al op -d eindigt en zonder ge- vanwege voorvoegsel
  • vervoeging van verleiden: de stam met de uitgang -d, zonder ge- vanwege voorvoegsel

Werkwoord

vervoeging van
verleiden

verleid

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van verleiden
    • Ik verleid. 
  2. gebiedende wijs van verleiden
    • Verleid! 
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van verleiden
    • Verleid je? 
  4. voltooid deelwoord van verleiden
vervoeging van
verleien

verleid

  1. voltooid deelwoord van verleien