product

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • pro·duct
enkelvoud meervoud
naamwoord product producten
verkleinwoord productje productjes

Zelfstandig naamwoord

product o

  1. (wiskunde) uitkomst van een vermenigvuldiging
  2. voortbrengsel van de natuur, van arbeid of nijverheid, van kunst, van een chemisch proces
  3. de totale waarde van de productie
  4. (juridisch) voorgelegd stuk
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie