telen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • te·len
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
telen
teelde
geteeld
zwak -d volledig

Werkwoord

telen

  1. (overgankelijk) door nauwgezette verzorging doen groeien
    Hij teelt al jaren prachtige orchideeën.
Verwante begrippen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen
Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl


Middelnederlands

Werkwoord

telen

  1. voortbrengen, verzorgen, bebouwen