stijf

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • stijf
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen stijf stijver stijfst
verbogen stijve stijvere stijfste

Bijvoeglijk naamwoord

stijf

  1. niet gemakkelijk te vervormen of te buigen
    Een stalen balk is stijf genoeg om dit gewicht te dragen.
  2. ongemakkelijk in de omgang
    Hij is zo stijf als een hark!
Synoniemen
Antoniemen
Vertalingen

Werkwoord

vervoeging van
stijven

stijf

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van stijven
    Ik stijf.
  2. gebiedende wijs van stijven
    Stijf!
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van stijven
    Stijf je?