opslaan

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • op·slaan
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
opslaan
sloeg op
opgeslagen
klasse 6 volledig

Werkwoord

opslaan

  1. overgankelijk (sport) een service uitvoeren, serveren
    Ja, je kunt nu opslaan!
  2. overgankelijk opzetten, monteren
    Zij ging haar tent in het bos opslaan.
  3. overgankelijk duurder maken
    Eerst de prijzen opslaan om vervolgens meer korting te kunnen geven.
  4. overgankelijk een voorraad aanleggen van
    Batterijen kunnen energie opslaan.
  5. overgankelijk (informatica) vastleggen of bewaren van gegevens
    Vergeet niet regelmatig het bestand op te slaan!
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.