save

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • save

Werkwoord

vervoeging van
saven

save

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van saven
    • Ik save. 
  2. gebiedende wijs van saven
    • Save! 
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van saven
    • Save je? 
  4. aanvoegende wijs van saven


Engels

Uitspraak
vervoeging
onbepaalde wijs to save
he/she/it saves
verleden tijd saved
voltooid
deelwoord
saved
onvoltooid
deelwoord
saving
gebiedende wijs save

Werkwoord

save

  1. opslaan
  2. redden
  3. sparen