omschakelen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • om·scha·ke·len
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
omschakelen
schakelde om
omgeschakeld
zwak -d volledig

Werkwoord

omschakelen

  1. (elektrotechniek) door aan een schakelaar te draaien van richting, werking enz. doen veranderen
  2. (techniek) door te schakelen van richting, werking enz. doen veranderen
  3. aanpassen, veranderen
Synoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.