maïs

Uit WikiWoordenboek


Nederlands

Maïs.
Uitspraak
Woordafbreking
  • ma·is
Woordherkomst en -opbouw
  • van Spaans maíz, in de betekenis van ‘graansoort’ aangetroffen vanaf 1581 [1] [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord maïs -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

maïs m

  1. (bloemplanten) bepaalde graansoort afkomstig uit Midden-Amerika, Zea mays op Wikispecies
  2. (voeding) zaden van de maïsplant Zea mays op Wikispecies, gebruikt als groente
    (wikidata: maïs op Wikidata)
    of als meel
    (wikidata: maïs op Wikidata)
Schrijfwijzen
Synoniemen
Hyperoniemen
Hyponiemen (in taxonomische zin)
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.[4]

Meer informatie

  • [1] maïs in het Nederlands Soortenregister N
  • [1] maïs op Wikidata op Wikidata

Verwijzingen


Frans

Uitspraak

Zelfstandig naamwoord

(plantkunde)(voeding) maïs m

  1. maïs