lunch

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • lunch
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Engels.
enkelvoud meervoud
naamwoord lunch lunchen, lunches
verkleinwoord lunchje lunchjes

Zelfstandig naamwoord

lunch m

  1. een maaltijd rond de middag
Synoniemen
Vertalingen

Werkwoord

vervoeging van
lunchen

lunch

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van lunchen
    Ik lunch.
  2. gebiedende wijs van lunchen
    Lunch!
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van lunchen
    Lunch je?

Meer informatie


Engels

Uitspraak
enkelvoud meervoud
lunch lunches

Zelfstandig naamwoord

lunch

  1. lunch, middagmaal


Zweeds

Uitspraak
Woordafbreking
  • lunch

Zelfstandig naamwoord

lunch g

  1. middageten, lunch
    «Vad skall vi ha till lunch idag?»
    Wat zullen we vandaag eten met de lunch?
Verbuiging
  enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   lunch     lunchen     luncher     luncherna  
genitief   lunchs     lunchens     lunchers     lunchernas  
Afgeleide begrippen