krabbekat

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • krab·be·kat
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord krabbekat krabbekatten
verkleinwoord krabbekatje krabbekatjes

Zelfstandig naamwoord

krabbekat v/m

  1. (dierkunde) een kat waar men al gauw een kras van krijgt
    Kijk maar uit, het is een krabbekat waar je zo een haal van krijgt.
  2. (psychologie) een chagrijnig persoon die met iedereen overhoop ligt
    Oh, daar heb je die krabbekat ... wegwezen!
Synoniemen
Antoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen