eekhoorn

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
[1.1] Een gewone eekhoorn (Sciurus vulgaris).
[2] De nachtvlinder Stauropus Stauropus fagi wordt ook eekhoorn genoemd.

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • eek·hoorn
Woordherkomst en -opbouw
  • (erfwoord): volksetymologisch vervormd uit Middelnederlands eecoren / ecorn, dat teruggaat op Oergermaans *aikwernan-, aanpassing aan oudere nom. *aikwur, gen. *īkuraz, wijzend op een geredupliceerde Indo-Europese wortel (nom.) *h₂éi-h₂ur, (gen.) *h₂i-h₂urós, in de betekenis van ‘knaagdier’ voor het eerst aangetroffen in 1287 [1] [2][3] [4]
enkelvoud meervoud
naamwoord eekhoorn eekhoorns
eekhoornen
verkleinwoord eekhoorntje eekhoorntjes

Zelfstandig naamwoord

eekhoorn m

  1. (zoogdieren) benaming voor knaagdieren uit de familie Sciuridae op Wikispecies
    • Voordat mijn vrouw kan genieten van de noten van onze notenboom, heeft de eekhoorn ze al gestolen. 
     Ik hoopte stiekem een beer te kunnen zien baden in de rivier, maar was ook wel tevreden met alle herten, eekhoorns, marmotten, vogels en de Amerikaanse adelaar.[5]
    1. (Nederland), België) roodbruin knaagdier met lange pluimige staart dat vooral in bomen leeft Sciurus vulgaris op Wikispecies
      • De eekhoorn is van veel kinderen het lievelingsdier. 
  2. (insecten) soort nachtvlinder Stauropus (Stauropus) op Wikispecies
Hyponiemen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[6]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. eekhoorn op website: Etymologiebank.nl
  3. Guus Kroonen, Etymological Dictionary of Proto-Germanic, Leiden: Brill, 2013, p. 10-11.
  4. "eekhoorn" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
  5. Tim Voors “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers op Wikipedia
  6. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be